Verslag Hervormingsbede 2008
Hartstochtelijk verlangen naar een christelijke renaissance
Vrijdag 31 oktober belegde de stichting ‘Huis van Gebed’ een Hervormingsbede. Slechts een klein aantal personen was in de Herv. Dorpskerk bijeen gekomen, om deze dienst bij te wonen. Zij werden door bestuurslid G. Bout van harte welkom geheten.
Het appèlwoord werd gesproken door ds. L.P. Blom, eerste voorzitter van deze stichting. Het thema van zijn toespraak was: ‘Kerkhervorming vroeger en nu’. Ds. Blom schetste de tijd waarin Maarten Luther zijn bezwaren tegen de Rooms Katholieke Kerk kenbaar maakt. Zijn 95 stellingen tegen de aflaathandel zijn befaamd. Minder bekend is, dat hij op 25 september 1516 al 97 stellingen heeft geponeerd, die veel radicaler van toon zijn. Er komt kritiek op die tegen betaling te verkrijgen kwijtschelding van de straffen die de zondaar hier, of later in het vagevuur, zou moeten ondergaan. De kerk ziet zich daardoor in haar inkomsten bedreigd. Dat is de beschamende reden waarom er na 31 oktober 1517 zo heftig wordt gereageerd.
Luther maakt een grote geestelijke ontwikkeling door. Hij komt in een diepe geloofscrisis terecht. Hij ontdekt, dat de gerechtigheid die God vraagt, uit genade door Hem wordt geschonken (Romeinen 1:17). Dat maakt een mens vrij. In zijn boekje ‘Over de vrijheid van een christen’ betoogt Luther, dat een christen heer is over alle dingen en niemands onderdaan. Tegelijk is een christen een dienaar van alle dingen en ieders onderdaan. In Christus zijn we immers vrije mensen! Uit liefde voor Hem, dienen we Hem en elkaar. Door die vrijheid in Christus, mag de kerk niet over het geweten van de gelovige heersen. En dat gebeurt in Luthers tijd juist wel. Dat wordt later één van de kernpunten van de reformatie.
De tijden zijn veranderd. Vervolging door kerk en staat, zoals in Luthers dagen, kennen we in Nederland gelukkig niet meer. Als gelovigen zijn we echter in de minderheid. Dat geldt voor de kerk van de reformatie, maar ook voor de Rooms Katholieke Kerk. We hebben elkaar nodig, om in deze wereld het Evangelie te verkondigen. Door onderlinge waardering en respect voor de eigenheid van de verschillende kerken en geloofsgemeenschappen, leren we naar elkaar te luisteren. Zo ontdekken we de volle rijkdom van Christus.
De nieuwe bisschop van Groningen, monseignieur De Korte, liet onlangs weten ‘hartstochtelijk te verlangen naar een christelijke renaissance.’ In de 16 de eeuw, de eeuw waarin er ook een renaissance plaats had, ging men terug naar de bronnen. Dat is in deze tijd ook nodig: terug naar de Heilige Schrift. ‘Wat zou het goed zijn, als wij allen ons bekeren van het nieuwe heidendom; bekeren van de afgoden van geld en geweld’.
Terug naar de bronnen! Terug naar het a.b.c. van het geloof: aandacht, bidden, communiceren. Aandacht voor de Bijbel; bidden als reactie op het Woord, communiceren, dat is: spreken over het geloof. Als we persoonlijk en als kerk terug keren naar deze bronnen, zullen we ons verbazen over het volle leven dat daarin te vinden is.
In deze dienst was er, naast het appèlwoord, ook veel ruimte voor dankzegging en gebed. Aan het eind werd nog het ‘Lutherlied’ gezongen, waarna er gelegenheid was samen koffie of thee te drinken.
G.J. Mekenkamp

